Inspiratieweek: prijszetting

Cultuurloket wil duurzaam ondernemerschap in de cultuursector stimuleren. Een duurzaam inkomen vertrekt vanuit een eerlijke verloning. Daarom willen we je tijdens onze inspiratieweek rond prijszetting de handvaten en het vertrouwen geven in het bepalen van je prijs. Zo bouw je aan een duurzaam inkomen uit je werk.

In dit artikel bieden we een leidraad om enerzijds je uurtarief te bepalen en anderzijds je prijs per opdracht te berekenen.

Stap 1: bepaal je uurtarief

Het hebben van een tarief per uur zorgt ervoor dat je gemakkelijk kan berekenen wat je moet vragen voor een werk of wat een opdracht moet kosten. Hieronder zal je zien dat een prijsbepaling begint bij de maakprijs = (je gewerkte uren) x (je uurtarief). Maar hoe bepaal je je uurtarief nu precies? 

Er bestaat geen standaard tarief in de sector dat voor iedereen werkt. Om zo’n tarief te bepalen moet je weten hoeveel je zou moeten verdienen om rond te komen. Daarvoor moet je al je privé en zakelijke kosten gedurende een jaar in kaart brengen.

Privé en zakelijke kosten

Voorbeelden van privékosten zijn: huur/hypotheek en kosten van je woonst, eten en drinken, vervoer, medische kosten, kledij,… 

Onder zakelijke kosten verstaan we: huur van je werkruimte/atelier, opleidingen en studiemateriaal, art supplies, verzekeringen, de boekhouder, abonnementen zoals Adobe, hosting kosten van je website, promotiekosten,… 

Tenzij je vast in loondienst bent, kan je als cultuurwerker niet elk uur dat je met je praktijk bezig bent factureren. Je spendeert ook veel tijd aan onbetaalde activiteiten zoals het opdoen van inspiratie, creatietijd, repeteren, oefenen, administratie, overleggen met klanten,… Je uurtarief bekom je door het bedrag dat je nodig hebt om rond te komen, te delen door je facturabele uren. In dit cijfervoorbeeld tonen we je in detail hoe je dit doet.

Stap 2: bepaal de maakprijs

De maakprijs voor een werk bekom je door de geïnvesteerde tijd te vermenigvuldigen met je uurtarief.

Stel, je krijgt als illustrator de opdracht om een cartoon voor een tijdschrift te maken. Dan bereken je je maaktijd door de tijd die je spendeert aan het uitwerken van de cartoon te vermenigvuldigen met je tarief per uur. Of je krijgt als slam poet de opdracht om op een event de dag samen te vatten via een spoken word performance. Dan bereken je je maaktijd door de tijd die je spendeert aan voorbereiding, aanwezigheid op de dag en performance op het eind te vermenigvuldigen met je tarief per uur.

Stap 3: bepaal de directe kosten

Je directe kosten zijn kosten die onmiddellijk gelinkt zijn aan het ontwikkelen, produceren, verkopen en leveren van je werk of prestatie. Deze kosten moet je integraal doorrekenen bij het bepalen van de kostprijs.

Voor een beeldend kunstenaar kan dat bijvoorbeeld gaan over de materialen van een werk. Voor een drummer gaat dit over de drumstokken voor 1 optreden. Voor een circusartiest gaat dit over make-up kosten van 1 voorstelling.

Tip!

Op deze directe kosten mag je gerust een winstmarge nemen van 20%.

Stappen 1, 2 en 3 vormen samen de basisformule voor het berekenen van je prijs:

Basisformule prijs = (uurtarief × bestede uren) + materiaalkosten

Dit is de minimumprijs, hier kan je absoluut niet onder. Met deze prijs zijn je kosten en je geïnvesteerde tijd voor een project of werk gedekt.

Tip!

Ben je geen fan van Excel? De tool Prijs in zicht van Flanders DC helpt je verder om deze berekeningen te maken.

Stap 4: bepaal je marge

Werk je met commerciële klanten? Hou dan in je achterhoofd dat je werk er indirect voor zorgt dat dankzij jou het aanbod van je klant verbetert, waardoor die uiteindelijk meer verdient. Je kan voor verschillende soorten klanten een verschillende marge vragen. Om je marge te bepalen hou je best rekening met:  

  • Hoeveel mensen zien of horen je werk?  
  • Hoe commercieel is het gebruik?  
  • Hoe lang wordt het gebruikt? 

Het gebruik kan je rekenen als een percentage of marge op de maakprijs. Dat percentage kan gaan van 0% tot een veelvoud van het oorspronkelijke bedrag.

Niet enkel als je met commerciële klanten werkt, kan een marge nuttig zijn. Ook voor onderhandelingen in het algemeen is het nuttig om een marge te hanteren. Door op voorhand je minimumprijs en marges te bepalen, bouw je ruimte en vertrouwen voor onderhandeling. Je weet wat je ideale prijs is, maar je weet ook waar je absoluut niet onder kan.

In haar interview zegt Sara Oklobdzija (performancekunstenaar en zakelijk leider) hierover het volgende: "Ik bereken een minimum- en een ideaaltarief met de makers en ga vervolgens met opdrachtgevers de onderhandeling aan."

Een marge bouwt ook zekerheid voor wanneer je samenwerkt met een manager of een galerist bijvoorbeeld. Van een kunstwerk dat verkocht wordt via een galerij gaat vaak de helft van de verkoopprijs naar de kunstenaar, en de andere helft naar de galerij als commissie.

Stap 5: toets je prijs aan de marktprijs

Tot slot kijk je best eens wat andere cultuurwerkers vragen voor een gelijkaardig werk of prestatie. Dit wordt ook wel benchmarking genoemd. Op basis van de marktprijzen toets je af of je eigen prijs correct is of niet.

Hierin probeer je best zo realistisch mogelijk te zijn: vergelijk geen appels met peren. Een risoprint van een visueel kunstenaar die in een oplage van 30 verkocht wordt, kan je niet vergelijken met een olieverf schilderij op een houten paneel.  

  • Ligt je prijs boven de marktprijs? Dat kan te verantwoorden zijn als je met duurdere materialen werkt of een diepgaand onderzoek moest doen om iets heel unieks te bekomen. Is dat niet het geval? Denk dan na over wat je kan veranderen of hoe je kosten kan besparen. Of denk na hoe je de waarde van je werk kan verhogen zonder de kostprijs te laten toenemen. Soms ben je ook afhankelijk van het budget van de opdrachtgever of het cultuurhuis. Lees hier enkele tips over.
  • Ligt je prijs onder de marktprijs? Let op wat je hiermee uitstraalt. Want als iets goedkoop is, is het dan wel kwalitatief of uniek? Vooral beginnende cultuurwerkers hebben de neiging om hun werk te laag te prijzen, in de hoop meer te kunnen verkopen. Maar dit kan juist omgekeerd werken. Cultuurliefhebbers of opdrachtgevers kiezen niet voor je werk omdat het een koopje is. Ze willen iets dat hen aanspreekt, emotioneel raakt, verrast,... en daarvoor zijn ze bereid om te betalen. Bovendien: als je met je prijzen ver onder de marktprijzen zit, maak je het moeilijker voor andere cultuurwerkers om een degelijke prijs te vragen. Lees hier meer over.