De ontwikkelingsgroei van een onderneming

Het begrip “groei van de onderneming” met een steeds hogere omzet behoort tot de ambitie van de meeste ondernemers. Het is nochtans door een te snelle groei dat een onderneming vaak in moelijkheden komt. Meestal omdat deze nog niet ontwikkeld is tot een volwassen onderneming. De eerste groei van een onderneming is immers een ontwikkelingsgroei, eerder dan een blinde ambitie het zakencijfer de hoogte in te drijven. Vooraanstaande consultingbedrijven zijn het erover eens dat de ontwikkeling van een onderneming via vier cruciale fasen loopt waarin de ondernemer zich bewust dient te zijn van de te nemen stappen en van mogelijke crisismomenten. Deze fasen komen overeen met het sluiten van de cirkel van de “5 pijlers van het ondernemerschap” in onze visietekst over ondernemerschap in de CCS.

1. De opstartfase

Bij de opstart van een onderneming ligt de nadruk op het creëren van producten en diensten. De ondernemer is de motor achter het concipiëren  van het product, de marktstrategie en het businessconcept. Een weg van “trial and error” gekoppeld aan een flinke dosis volhardingszin. Deze fase eindigt met de groeiende behoefte aan een echte leider/manager. De ondernemer moet het management installeren.

2. De uitbouwfase 

De ondernemer neemt tijdens de uitbouwfase van het management een meer coördinerende rol op zich, en laat zich bijstaan door specialisten-managers. Wanneer een manager zich te beperkt voelt omwille van een te strakke leiding van de ondernemer, volgt er vaak een crisis.

3. De maturiteitsfase

In deze fase nestelt de onderneming zich comfortabel in een welbepaald deel van de markt. Ondernemer en manager houden afstand van de operationele zaken om zich te concentreren op het ontwikkelen van het vernieuwingsproces. Het operationele delegeren ze naar een middenkader. Door dit delegeren kan de ondernemer op de duur het gevoel krijgen de onderneming niet echt meer in de hand te hebben, met een mogelijke beheercrisis als gevolg.

4. De continuiteitsfase

In deze fase wordt de ondernemer ervan bewust dat het bedrijf kan geleid worden via coördinatie. De onderneming wordt bureaucratischer. De taak van de ondernemer is in deze fase drieledig. Intern moet hij positief-kritisch zijn, alles voortdurend in vraag stellen en een goede kweekvijver van intrapreneurs hebben die zich het “corporate thinking” eigen hebben gemaakt. Extern moet hij oog blijven hebben voor de opportuniteiten en trends op de markt. De onderneming is voortaan in de mogelijkheid haar contuiniteit te verzekeren.

Pas na deze laatste fase is een onderneming rijp voor de veelgedroomde omzetsgerichte “groeipolitiek”. 

x

Cookies

Deze website gebruikt zowel functionele als niet-functionele cookies. Voor het plaatsen en uitlezen van niet-functionele cookies hebben wij uw voorafgaande toestemming nodig; voor functionele cookies niet. U kunt het gebruik van cookies later nog wijzigen en uw voorkeuren aanpassen.
Meer info in ons Cookiebeleid.
Akkoord