Voor wat is een bestuurder van een VZW aansprakelijk?

Uitgangspunt: bestuurder is niet persoonlijk aansprakelijk

Het algemeen uitgangspunt is dat bestuurders van een VZW in de uitoefening van hun functie enkel de VZW zullen verbinden en normaal gezien niet persoonlijk aansprakelijk zijn. Het is de VZW met haar afzonderlijke rechtspersoonlijkheid die aansprakelijk is ten aanzien van derden, ook voor de fouten van haar organen.

Aansprakelijk voor fouten

Indien de bestuurder in de uitoefening van zijn functie fouten maakt, dan kan de bestuurder in een aantal gevallen toch persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor deze fouten. Dit kan op 3 domeinen:

  • vooreerst ten aanzien van de vereniging
    De vereniging mag er immers van uitgaan dat de bestuurder zijn engagement als bestuurder naar behoren zal kwijten. Door het opnemen van zijn engagement als bestuurder heeft hij een verbintenis ten aanzien van de vereniging. Men spreekt dan ook over contractuele aansprakelijkheid.
  • vervolgens ten aanzien van derden
    In zijn optreden als bestuurder kan hij een fout maken waardoor een derde schade lijdt. Gelet op het feit dat de vereniging aansprakelijk is voor haar organen, kan de schadelijdende derde zich richten tot de vereniging tot het bekomen van een vergoeding. De derde kan er echter voor opteren om (al dan niet samen met de vereniging) de bestuurder aan te spreken. De juridische basis hiervoor is artikel 1382 BW. Daar er tussen de bestuurder en de derde geen verbintenis bestaat, spreekt men over extra-contractuele aansprakelijkheid. Het algemeen uitgangpunt is dat bestuurders zelfs voor hun lichtste fout aansprakelijk kunnen gesteld worden voor hun foutief handelen waardoor een andere persoon schade heeft geleden.
  •  uiteindelijk ook op strafrechterlijk vlak
    De bestuurder kan in de uitoefening van zijn mandaat ook daden stellen die strafrechterlijk gesanctioneerd worden. In dat geval is er sprake strafrechtelijke aansprakelijkheid.

In deze commentaar wordt enkel de aansprakelijkheid ten aanzien van derden behandeld, niet de aansprakelijkheid van de bestuurder tegenover de VZW zelf en de strafrectelijke aansprakelijkheid.

Beoordeling door de rechter

Vooruitziende en zorgvuldige bestuurder

Bij de beoordeling van de aansprakelijkheid van de bestuurder zal de rechter nagaan of een vooruitziende en zorgvuldige bestuurder geplaatst in dezelfde omstandigheden op dezelfde manier zou gehandeld hebben.

Men dient derhalve te onderzoeken of de bestuurder zich in de uitoefening van zijn mandaat gedragen heeft zoals dat van een redelijk en normaal zorgvuldig bestuurder geplaatst in dezelfde omstandigheden zou mogen verwacht worden.

De verschillende criteria

Men stelt in de praktijk vast dat de rechter bij zijn beoordeling rekening houdt met verschillende criteria.

Vooreerst wordt haast unaniem aanvaard dat de beoordelingsmacht van de rechtbank niet absoluut is en deze slechts kan overgaan tot een marginale toetsing. Bij een marginale toetsing worden alleen kennelijke fouten gesanctioneerd die buiten de marge vallen waarbinnen zorgvuldige, overlegde en redelijke bestuurders van mening kunnen verschillen. Bedoeld wordt dat niet elke vergissing een fout oplevert en dat de bestuurder over een zekere appreciatiemarge beschikt: hij heeft een zogenaamd recht op vergissing.

Daarnaast is het van belang dat men zich hoedt voor een appreciatie na de feiten. De rechter moet de handelingen beoordelen ten aanzien van de feiten of omstandigheden die de bestuurder kende of behoorde te kennen op het tijdstip waarop beslist of gehandeld werd en van latere gebeurtenissen die redelijkerwijze konden of moesten voorzien worden.

Bij het beoordelen van de gewraakte handelingen moet men zich als het ware plaatsen in de tijd en de plaats waar de beheersfout werd gepleegd en kan men bovendien slechts rekening houden met de informatie waarover de bestuurders op dat ogenblik beschikten.

Voorbeelden uit de rechtsspraak

Voorbeeld 1

Een VZW wordt opgericht om een muziekfestival te organiseren. De bestuurders gaan heel wat verbintenissen aan (onder andere bestellen ze vliegtuigtickets voor de artiesten), maar verzuimen ondertussen de nodige formaliteiten te vervullen om de zogezegde subsidie van de Franse Gemeenschap te verkrijgen. De schulden bedragen meer dan het zesvoudige van de inkomsten. De bestuurders kwamen niet meer samen en trokken zich van de VZW niets meer aan. De feitenrechter veroordeelt de in gebreke blijvende bestuurders.

Voorbeeld 2

In een gelijkaardig geval betrof het een VZW die vaak concerten organiseerde en met een financiële malaise te kampen had door een reeks tegenvallende concerten. Ondanks deze moeilijkheden hadden de bestuurders van de VZW geopteerd om nog een concert te organiseren om op die manier uit de slechte papieren te komen doch opnieuw bleek dit concert een flop te zijn.

Door de bestuurders werd een risico genomen doch geen buitensporig risico met een bijna zeker te verwachten slechte afloop. Evenzeer werd rekening gehouden met het feit dat een schuldeiser de moeilijke financiële situatie van de VZW kende en toch heeft gecontracteerd.

Voorbeeld 3

In een ander geval werden de bestuurders van een VZW aansprakelijk gesteld door de fiscus omdat de vereniging een bediende had aangeworven en de bestuurders nagelaten hadden de betaling van de loonkosten te controleren.

De rechtbank oordeelde dat de bestuurders een fout hadden begaan door in onverantwoorde omstandigheden een bediende aan te nemen en na te laten de betaling van de loonkosten te controleren. De schade die door de fiscus werd geleden (de niet-betaling van de bedrijfsvoorheffing) werd op de bestuurders verhaald.

Voorbeeld 4

Bestuurders zijn aansprakelijk gesteld voor onrechtmatige daad wanneer zij, in plaats van de VZW te ontbinden, deze onbeheerd hadden gelaten zonder dat deze nog enige activiteit of inkomsten had om het hoofd te bieden aan haar verplichtingen. De voortzetting van een deficitaire activiteit wanneer de vereniging geen redelijke overlevingskansen heeft, maakt een buitencontractuele fout uit die de aansprakelijkheid van de bestuurders kan teweegbrengen tegenover derden en niet enkel hun contractuele aansprakelijkheid tegenover de vereniging.

Termijn van aansprakelijkheid

De aansprakelijkheid van de bestuurder blijft in principe doorlopen, ook voor feiten nadat zij hun functie als bestuurder hebben neergelegd.

Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering

De bestuurders kunnen ingedekt voor eventuele bestuursfouten die zij zouden hebben begaan door het afsluiten van een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering. De voorwaarden van een dergelijke verzekering hangen af van polis tot polis.  Daarenboven is het zo dat enkel de vereniging een polis kunnen afsluiten.  Bestuurders kunnen dit niet ten persoonlijken titel.